Laatst bijgewerkt op 29 augustus 2026
Een landingspagina maken lukt pas als je vooraf weet welke ene actie je van je bezoeker vraagt. Staan er twee acties op, dan kiest de lezer meestal de derde: wegklikken. In dit artikel lees je wanneer je zo’n pagina inzet, welke blokken erop horen en wat hij in de markt kost.
In mijn werk zie ik vaak hetzelfde patroon. Een coach zet een nieuwe workshop op de agenda, maakt er een pagina voor, hangt die in het menu en deelt de link in haar nieuwsbrief. Er komen bezoekers. Er komen nauwelijks aanmeldingen. Op die pagina staat de workshop, plus een stuk over haar werkwijze, plus drie andere diensten in de zijbalk, plus een menu met acht items.
Elke extra keuze op zo’n pagina kost je aanmeldingen. Daar zit het verschil met een gewone webpagina: een landingspagina heeft één taak, en alles wat die taak dient mag blijven staan. Wil je eerst de kale uitleg van de term, die staat in de kennisbank onder landingspagina.
Hieronder lees je wanneer een landingspagina meer oplevert dan een gewone pagina, welke zeven blokken erop horen, hoe je de kop en de knop schrijft, wat zo’n pagina in de markt kost en waar de meeste pagina’s op vastlopen.
In dit artikel
Wanneer een landingspagina meer oplevert
Een gewone pagina op je website bedient meerdere bezoekers tegelijk. Iemand komt binnen via Google, leest over je aanpak, klikt door naar je tarieven, kijkt nog even bij je portfolio en meldt zich een week later aan. Die pagina mag zijwegen hebben, want de bezoeker is aan het oriënteren.
Een landingspagina hoort bij een ander moment. Je stuurt verkeer van buitenaf naar één aanbod dat op één manier verzilverd wordt: aanmelden voor de workshop, het e-book downloaden, op de wachtlijst voor de volgende groep, een intake plannen voor dat ene traject. De bezoeker komt binnen met een verwachting die je in de advertentie of de mail hebt gewekt, en de pagina lost die verwachting in.
Drie signalen wijzen op een landingspagina. Je stuurt bezoekers van buiten je site (mail, social, een advertentie of een QR-code op een flyer). Er is precies één vervolgstap die telt. En je wilt achteraf kunnen zien hoeveel mensen die stap zetten. Zodra je adverteert is een aparte pagina bijna altijd de moeite waard, omdat je de belofte uit de advertentie letterlijk in de eerste kop kunt herhalen. Dat is zoekintentie in de praktijk: de bezoeker ziet in één oogopslag dat ze goed zit.
Je gewone dienstenpagina blijft daarnaast gewoon bestaan. Die doet het werk voor bezoekers die je via Google vinden en die nog aan het rondkijken zijn. De landingspagina komt erbij voor de momenten dat je zelf verkeer stuurt.
Eén doel bepaalt wat erop komt
Voordat ik ook maar één blok design, schrijf ik het doel op in één zin met een getal erin. Bijvoorbeeld: veertig aanmeldingen voor de workshop van 12 november. Die zin wordt de meetlat. Elk element dat je overweegt leg je ernaast: helpt dit die veertig aanmeldingen dichterbij, of leidt het ervan af?
Die toets is streng. Het menu bovenaan verdwijnt en maakt plaats voor bijvoorbeeld alleen je logo. De zijbalk gaat eruit. De verwijzingen naar je andere diensten verhuizen naar de bedankpagina, waar ze pas relevant worden. Wat overblijft is een pagina waarop de bezoeker maar twee dingen kan doen: verder lezen of de knop indrukken. Precies daarom liggen de conversiecijfers van een goede landingspagina structureel hoger dan die van een dienstenpagina.
Ik hoor daar regelmatig bezwaar tegen: het voelt kaal, en het lijkt alsof je bezoekers iets onthoudt. In de praktijk werkt het andersom. Iemand die op je link klikte, wilde iets weten over dat ene aanbod. Die persoon geef je rust door alleen daarover te schrijven.
“Elke keuze die je van de pagina haalt, maakt de keuze die overblijft sterker.”
De zeven blokken van een landingspagina
De volgorde hieronder volgt de vragen die een bezoeker in haar hoofd afwerkt. Wijk je van de volgorde af, dan komt een antwoord te laat en haakt ze af voordat het valt.
De opbouw van boven naar beneden
- 01 De belofte bovenaan. Wat de bezoeker krijgt, voor wie het bedoeld is en wanneer het plaatsvindt. Dit staat above the fold, dus zichtbaar zonder scrollen, met de knop er direct onder.
- 02 Het herkenbare probleem. Drie tot vijf zinnen over de situatie waarin je bezoeker nu zit, in haar eigen woorden. Hier beslist ze of jij haar begrijpt.
- 03 Wat je precies aanbiedt. Aantal sessies, duur per keer, locatie of online, wat ze meekrijgt en wat ze aan het eind kan. Concreet en telbaar.
- 04 Het bewijs. Twee of drie ervaringen van deelnemers, jouw opleiding en jaren ervaring, eventueel een getal (zoals het aantal groepen dat je begeleidde).
- 05 De praktische feiten. Datum, tijd, prijs, aantal plekken, annuleringsvoorwaarden. Dit blok voorkomt de meeste mails met vragen.
- 06 De vier bezwaren. De vragen die je in kennismakingsgesprekken hoort, als korte vraag met een eerlijk antwoord eronder.
- 07 De actie, meerdere keren. Dezelfde call-to-action met exact dezelfde tekst onder blok 1, blok 4 en blok 6. Wisselende knopteksten laten twijfelen of het om hetzelfde gaat.

Op mobiel schuiven deze blokken achter elkaar, waardoor de pagina lang oogt. Dat is prima. Iemand die tot blok zes leest, is dichter bij aanmelden dan iemand die na drie regels alles gezien heeft.
Loopt jouw aanbod vast op de pagina eronder?
In een kennismakingsgesprek kijk ik met je mee naar je pagina en hoor je direct waar bezoekers afhaken.
Zo schrijf je de kop en de knop
De kop bovenaan heeft ongeveer drie seconden om duidelijk te maken waar de bezoeker terecht is gekomen. Zet daarin wat het is, voor wie het is en wanneer het is. Sfeerwoorden als rust, balans en verdieping zeggen op die plek te weinig, omdat ze op vrijwel elk aanbod in jouw vak passen.
Voor de knop geldt hetzelfde. Schrijf erop wat er gebeurt als iemand klikt, in de eerste persoon. Zo weet de bezoeker of ze zich vastlegt of alleen informatie krijgt.
Zo liever niet
Kop: “Meer rust en focus in jouw onderneming.” Knop: “Meer informatie.”
Zo wel
Kop: “Workshop contentplanning voor coaches. In één ochtend een contentplan voor het hele kwartaal. 12 november, acht plekken.” Knop: “Ik meld me aan voor 12 november.”
De tweede versie doet drie dingen tegelijk. Ze zegt voor wie het bedoeld is, ze geeft een resultaat dat je kunt nakijken, en ze maakt met acht plekken duidelijk dat wachten iets kost. De knoptekst laat bovendien zien dat er een verplichting aan vastzit, waardoor je minder aanmeldingen krijgt die later afhaken.
Houd het formulier daarna kort. Naam en e-mailadres volstaan meestal; alles wat je verder wilt weten vraag je in de bevestigingsmail. Elk extra veld kost je aanmeldingen, en telefoonnummers of geboortedata heb je op dat moment nog nergens voor nodig.
Wat een landingspagina in de markt kost
Een losse landingspagina laten maken kost bij een Nederlandse freelance webdesigner doorgaans 500 tot 1.500 euro. Uurtarieven liggen in de markt tussen de 60 en 120 euro, dus je kunt de prijs ook lezen als vijf tot vijftien uur werk. Zit de pagina in een compleet websitetraject met strategie en teksten, dan valt ze binnen het totaal van 2.500 tot 7.500 euro dat daarvoor gebruikelijk is.
Wat je binnen die bandbreedte betaalt, hangt in de praktijk af van vier dingen. Ten eerste of de teksten erbij zitten of dat je ze zelf aanlevert; het schrijven kost vaak meer tijd dan het bouwen. Ten tweede het aantal blokken: een pagina voor een gratis weggever heeft er vier nodig, een pagina voor een traject van 3.000 euro al snel negen. Ten derde de koppelingen: een formulier dat aanmeldingen doorzet naar je mailprogramma, een agenda-tool of een betaallink vraagt instelwerk en een testronde. Ten vierde de meting: een aparte bedankpagina met doelmeting kost een half uur en levert je bij elke volgende campagne cijfers op.
Voor coaches en therapeuten zie ik één kostenpost die vaak vergeten wordt: als je met persoonsgegevens werkt, moet het formulier voldoen aan de AVG, met een verwerkersovereenkomst met je mailprogramma en een duidelijke privacyverklaring. Reken daar een uur extra voor. Wil je zien hoe zo’n pagina in een groter geheel past, dan vind je dat terug op de pagina over het website traject.
Vier plekken waar het misgaat
De eerste is de pagina die in het hoofdmenu wordt gehangen. Daarmee geef je iedere bezoeker weer acht uitgangen, en verlies je precies het voordeel waarvoor je de pagina bouwde. Een landingspagina leeft op zijn eigen URL en wordt bereikt via de links die jij deelt.
De tweede is de knop die pas onderaan staat. Ongeveer de helft van je bezoekers leest nooit tot het einde. Zet de eerste knop daarom direct onder de belofte, zodat iemand die al overtuigd was meteen door kan.
De derde is het te lange formulier. Ik zie regelmatig aanmeldformulieren met tien velden, waaronder vragen die pas na de intake nodig zijn. Iedere vraag die je verplaatst naar de bevestigingsmail levert aanmeldingen op.
De vierde is de pagina zonder bedankpagina. Zonder aparte pagina na het versturen weet je alleen hoeveel mensen de pagina bezochten. Met een bedankpagina zie je hoeveel er zich aanmeldden, en kun je na afloop van je campagne beslissen of de kop, het aanbod of het verkeer aandacht nodig heeft. Diezelfde bedankpagina is bovendien de plek waar je wél naar je andere diensten mag verwijzen.
Checklist: voordat je de pagina live zet
- ✓ Het doel staat in één zin met een getal erin
- ✓ De kop noemt wat het is, voor wie en wanneer
- ✓ De eerste knop staat zichtbaar zonder scrollen
- ✓ Overal op de pagina staat dezelfde knoptekst
- ✓ Het formulier vraagt alleen naam en e-mailadres
- ✓ Er is een bedankpagina waarop je de aanmelding meet
- ✓ De pagina is op je telefoon nagelopen, van kop tot knop
Veelgestelde vragen over de landingspagina
Hoeveel landingspagina’s heb ik nodig?
Eén per aanbod dat je actief promoot. Draai je twee keer per jaar een workshop en heb je daarnaast een weggever, dan zijn twee pagina’s genoeg. Bij een terugkerende workshop hergebruik je dezelfde pagina en pas je alleen de datum en het aantal plekken aan.
Moet een landingspagina in mijn menu staan?
Houd hem uit het menu. De pagina hoort bij het verkeer dat jij er zelf naartoe stuurt via je nieuwsbrief, social media of een advertentie. Wil je hem toch vindbaar houden voor bezoekers die rondkijken, verwijs er dan vanuit je dienstenpagina naartoe.
Kan een landingspagina ook scoren in Google?
Dat kan, al vraagt het geduld. Een pagina met weinig tekst en één actie heeft het lastiger in de zoekresultaten dan een uitgebreide dienstenpagina. Voor structurele vindbaarheid werkt een dienstenpagina beter; de landingspagina is er voor het verkeer dat je zelf aanstuurt.
Hoe lang moet een landingspagina zijn?
Zo lang als de vragen van je bezoeker. Voor een gratis weggever volstaan vier blokken en ongeveer 300 woorden. Voor een traject van enkele duizenden euro’s heb je alle zeven blokken nodig, meestal tussen de 800 en 1.500 woorden, omdat mensen bij een groter bedrag meer willen weten voordat ze klikken.
Tot slot
Een landingspagina maken begint bij de zin waarin je opschrijft wat de pagina moet opleveren. Daarna wordt elke keuze eenvoudiger: één belofte bovenaan, zeven blokken in de volgorde van de vragen die je bezoeker stelt, dezelfde knop op drie plekken en een bedankpagina die je laat zien of het werkte. Zet je volgende aanbod op zo’n pagina en vergelijk de aanmeldingen met de vorige keer. Dat verschil is meestal groter dan je verwacht.
Wil je samen kijken wat dit voor jouw aanbod betekent? Plan een vrijblijvend kennismakingsgesprek.
